Verhuisde personen tussen provincies, 2014

CBS publiceerde onlangs cijfers over verhuizingen tussen gemeenten in 2014 en daar heb ik enkele grafieken van gemaakt. Het is een combinatie geworden van mijn ruimtelijke belangstelling en vlijt in een voor mij vrij nieuwe taal R, een statistische programmeertaal. (mijn code)

Aantallen verbeeld

De meeste personen verhuizen binnen de eigen provincie: de herkomstprovincie is ook vaak de bestemmingsprovincie. De eerste twee figuren laten ook zien dat het aantal verhuisde personen sterk samenhangt met het inwonertal; de figuren laten niet zien of dit relatief ook zo is. Bestemming verhuisde personen 2014 Herkomst verhuisde personen 2014

Ruimtelijke patronen verbeeld

De volgende figuren laten ruimtelijke patronen beter zien: wat is het aandeel van het aantal verhuizers op het totaal naar provincie van herkomst en bestemming. Mensen verhuizen veel binnen de eigen provincie en daarna vaak naar naburige provincies.

De noordelijke provincies hebben onderling relatief veel verhuisde personen naar elkaar, en de “band” tussen Groningen en Drenthe lijkt wel wat sterker. Personen die Limburg verlaten komen daarna vaak in Noord-Brabant uit. Flevoland springt er tot slot uit. Verhuizers uit Flevoland komen niet het meest weer in Flevoland terecht, maar het vaakst in Noord-Holland. Andersom geldt hetzelfde want verhuisde personen met bestemming Flevoland komen vaker uit Noord-Holland dan uit Flevoland zelf.

Matrix Bestemming verhuisde personen 2014 Matrix Herkomst verhuisde personen 2014

Zet streep door zelfverrijking ouder-kindlening

In Nederland is het mogelijk dat ouders aan hun kinderen geld lenen voor de aankoop van een huis waarbij de rente over deze lening, zoals gebruikelijk, aftrekbaar is voor de belasting. De notaris waar ik de overdracht van mijn huis moest regelen adviseert in zijn nieuwsbrief dat het in ouder-kind situaties zeer aantrekkelijk kan zijn ‘om een zo hoog mogelijke rente op een eigen woning schuld te betalen.’

Onder de kop “Hoe hoger de rente van een ouder/kind-lening, hoe beter” wordt uiteen gezet hoe via de fiscaal vrije schenking het ‘te veel’ aan rente gewoon weer terug geschonken kan worden:

Vader en zoon sloten een geldlening-overeenkomst voor de aankoop van de woning van zoon. Zoon betaalt een rente van 8% en is verplicht op eerste verzoek van vader een hypotheekrecht te vestigen. De betaalde rente is vervolgens door vader weer deels terug geschonken. De inspecteur is van mening dat deze hypotheekrente niet aftrekbaar is bij de zoon aangezien de gevolgen van deze lening in strijd zijn met de strekking van de wet.

De rechter is het niet eens met de inspecteur en staat deze zelfverrijking toe omdat het mogelijk maken van deze constructie een ‘bewuste keuze van de wetgever’ zou zijn. Hoezo ‘zelfverrijking’? Des te hoger de betaalde rente, des te hoger de aftrek, zonder verdere nadelige gevolgen.

Ik heb daar moeite mee. In mijn ogen wordt hier misbruik gemaakt van enkele fiscale mogelijkheden wat ik niet anders kan opvatten als zelfverrijking. Akkoord, onder de huidige regels mag het, dus vooral doen zou ik zeggen. Maar, gezien de uitspraak van de rechter meen ik dat hier een taak ligt voor de wetgever. Dit druist in tegen elk ethisch besef van rechtvaardigheid en gelijkheid. Een streep er door dus: marktconforme rente vragen en geen cent meer, op straffe van het verlies van de aftrek.