Levenslang, tenzij…

Nederland moet levenslang gestraften uitzicht geven op vrijlating. Voorgesteld is om hiervoor na 25 jaar een toets in te voeren. Deze toets bekijkt of iemand vrijlating verdient. Wat als we dit doortrekken in een gedachte-experiment?

Een alternatief is “levenslang-tenzij”. Een misdrijf leidt daarin altijd tot levenslang. De rechter beslist over het eerste moment en/of de frequentie van toetsing. Deze aanpak is humaner, persoonlijker en meer preventief.

Levenslang is nu uitzichtloos. Dat zegt het mensenrechtenhof in Straatsburg. En omdat “levenslang-tenzij” altijd uitzicht biedt, wordt het strafrecht humaner.

“Levenslang-tenzij” maakt straffen ook persoonlijker. De bij toetsing gebleken mate van berouw, inzicht en kans op geslaagde re-integratie bepaalt of iemand vrij komt. Minder terugkijken naar wat iemand gedaan heeft; meer vooruitkijken naar wat iemand gaat doen.

Omdat het risico op herhaling een rol speelt bij toetsing verwacht je op termijn minder misdrijven. Het preventieve karakter van het strafrecht wordt zo met “levenslang-tenzij” versterkt. Iemand die niet leert van de straf, komt niet meer vrij. Iemand die wel van de straf leert, komt wel vrij.

Eerst is het moeilijk voor te stellen dat moordenaars soms eerder vrij komen dan tasjesdieven. Maar, een moordenaar die het, bij wijze van spreken, nooit weer zal doen, kan na enige tijd wel terug. Een notoire veelpleger die niet inziet wat fout is aan stelen, zien we, misschien, liever gewoon niet terug. Dat is “levenslang-tenzij”.

Nota bene
Voorgaande is een gedachte-experiment. Ik sta niet stil bij praktische uitvoerbaarheid. Noch is uitputtend naar mogelijke bezwaren gezocht. Graag lees ik het (rechtsfilosofische) antwoord waarom “vrijlating-tenzij” beter is dan “levenslang-tenzij”.

Verjaring

Eind november gingen geluiden op in de Tweede Kamer om de verjaring van zware geweldsmisdrijven af te schaffen: nrc.nl. Verjaring betreft hier dus het strafrecht; wanneer de verjaringstermijn is verstreken kan er geen strafvordering meer ingesteld worden naar aanleiding van een strafbaar feit. In andere woorden: iemand gaat vrijuit met het verstrijken van voldoende tijd.

Nieuwe forensische methoden maken het mogelijk om meer dan vroeger zogeheten ‘cold cases’ alsnog op te lossen. Misdrijven die jarenlang door onvoldoende bewijs niet opgelost konden worden, zijn nu met nieuwe technieken alsnog op te lossen. Dat heeft minder zin, als de gevonden dader door verjaring niet meer gestraft kan worden.

In 2006 werd al geregeld dat bijvoorbeeld voor moord geen verjaring meer optreedt. Daar is in eerste instantie weinig tegen. Technologische vooruitgang vereist herziening van bestaande regelingen. Wel moeten we altijd kritisch blijven over hoe ver we gaan en waarom we tot wijziging over gaan. Is dit bijvoorbeeld ook een achterdeur om het misbruik in de kerk weer strafbaar te krijgen? Wijziging vanwege anekdotische gebeurtenissen, hoe begrijpelijk ook, vind ik niet gewenst. Wat in redelijkheid forensisch nog strafbaar kan zijn, moet dat zijn, en niet omdat we er nu achter komen dat sommige zaken nogal ongelegen verjaard zijn.

Inzicht in type 1 en type 2 fouten is bij het afschaffen van verjaring van belang. De verjaring van een delict betekent namelijk dat niet alleen de dader niet meer vervolgd kan worden, maar ook dat een onschuldige niet meer vervolgd kan worden. Dat lijkt mij een relevant aspect bij delicten van 20+ jaar geleden. Een type 1 fout treedt op in het strafrecht wanneer een onschuldig iemand veroordeeld wordt. Dat is niet te voorkomen, zoals ook wel blijkt uit de portie die we de laatste tijd gehad hebben: Ina Post, Lucia de Berk en anderen.

Technologische vooruitgang en nieuwe inzichten hebben bijgedragen aan deze ontdekkingen van opgesloten onschuldigen. We mogen dus ook verwachten dat in de toekomst het minder vaak voor komt dat een onschuldige veroordeeld wordt. De vraag die ik mezelf stel is of deze verworvenheid niet meer dan teniet wordt gedaan door te morrelen aan de verjaringstermijnen. Getuigen zijn al slecht te vertrouwen, laat staan 20+ jaar na dato. De kans op fouten neemt daar toe, hoe graag we ook een misdadiger straffen. Oprekking, of zelfs afschaffing, van verjaring is niet per definitie verkeerd. Wel moeten we met elkaar kritisch blijven ten aanzien van hoeveel opgesloten onschuldigen we accepteren, want die gaan er weer meer komen met de (gedeeltelijke) afschaffing van verjaring.

Verdieping: Type I and Type II Errors – Making Mistakes in the Justice System

Minimumstraffen

Minimumstraffen worden zo af en toe geopperd, laatstelijk door de PVV en bij de formatie. Wat daarmee precies opgelost moet worden blijft vaak in het midden. Ingeschat kan worden dat een deel van de bevolking soms te weinig vergelding proeft, en dat er naar de smaak van sommigen te veel gedifferentieerd wordt op basis van de bijzondere omstandigheden van het geval.

In de (rechts)economie geldt dat als je de spelregels verandert, het goed mogelijk is dat alle ‘spelers’ zich anders gaan gedragen. Zo ook bij minimumstraffen. Iemand die een misdaad pleegt heeft dan minder reden om zich halverwege nog te bedenken, de minimumstraf is waarschijnlijk al binnen. In sommige gevallen zal er zelfs een prikkel gegeven worden om getuigen naar de andere wereld te helpen, omdat de kans op een milde straf gereduceerd is. Het Openbaar Ministerie (OM) zal geneigd zijn ‘het beestje’ niet meer bij de naam te noemen als een minimumstraf in een specifiek geval pertinent onredelijk is. De rechterlijke macht zal zich, als het al zo ver komt, in allerlei bochten wringen als in een individueel geval een minimumstraf te zwaar is. Op voorhand is niet te overzien waar we dus uit gaan komen met de strafmaten en veiligheid in Nederland. Mogelijk worden misdadigers extremer in hun daden, en gaan juristen verzanden in kwalificatiespelletjes: ‘als ik het geen moord noem, is het ook geen moord.’

In 2008 zaten er al relatief veel mensen in de Nederlandse gevangenissen in vergelijking met de ons omringende landen. Daarnaast heb ik altijd begrepen dat de straffen in Nederland de afgelopen decennia al zijn toegenomen. Op het moment dat het publiek zich roert, en het OM haar eisen naar boven bijstelt, lijken rechters dus (uiteindelijk) te volgen. Nog afgezien van of je wel zwaarder moet willen straffen, kunnen straffen dus ook omhoog zonder de nadelen van minimumstraffen.

Té pragmatisch: daling criminaliteit door langere straffen

In reactie op: Ben Vollaard, “Langere celstraffen verklaren daling criminaliteit”, Me Judice, 17 juli 2010.

De abstracte analyse onderschrijf ik. En ik denk dat dit soort analyses tevens onderstrepen waarom de economische wetenschap met argusogen wordt bekeken, en in voorkomende gevallen wordt gewantrouwd. Criminaliteit verlagen door mensen langer op te sluiten is een open deur en in mijn beleving een verontrustend soort pragmatisme. Als we het Wetboek van Strafrecht opheffen verdwijnt criminaliteit als sneeuw voor de zon. En toch zit ook daar niemand op te wachten.

Allereerst vraag ik mij af of iemand die nog onwetend is over zijn plek in de maatschappij (Rawls’ Veil of Ignorance) wel een dergelijk harde maatregel tegen veelplegers zou wensen. Stel immers voor dat je het zelf bent…

Een ander risico van het benutten van deze gesignaleerde potentie zie ik in de resulterende gemakzucht in het preventieve traject. Onder het mom dat iemand het maar lekker uit moet zoeken, en als hij zich niet gedraagt bergen we hem gewoon lang op vind ik niet getuigen van beschaving. Wanneer langere celstraffen gemeengoed worden, kan dat de verantwoordelijkheid jegens elkaar aantasten. Immers als iemand zich niet weet te gedragen lost vadertje staat het met een stevige celstraf wel op.

Daardoor is de analyse partieel omdat detentie in vele opzichten niet gratis is. Nergens worden de maatschappelijke kosten van criminaliteit afgewogen tegen de kosten van langere detentie. Er is geen aandacht voor verdere maatschappelijke implicaties zoals moreel risico. En daarbij is het ook nog de vraag hoe de welvaart van deze veelplegers meegewogen wordt.

Lucia de B(erk) eindelijk vrijgesproken

Lucia de Berk vrijgesproken van moorden
04/14/2010 02:54 PM
ARNHEM – De vrijspraak voor Lucia de Berk is een feit wat betreft de moorden en moordpogingen waarvoor zij eerder levenslang kreeg.

Het is een buitengewoon gênante vertoning natuurlijk: wat iedereen al wist moest eerst tot het OM doordringen waarna de rechterlijke macht er een punt aan kon draaien. Statistiek in de hand van een jurist, is als een strijker in de hand van een peuter: levensgevaarlijk. Hoe we een en ander gaan oplossen is niet aan mij: ik denk bijvoorbeeld aan een klankbord met statistici welke de rechter kan raadplegen in plaats van te vertrouwen op de zonderlinge figuur die toevallig het OM wel wil helpen door statistisch bewijs ‘gunstig’ te interpreteren.

De grote vraag is uiteindelijk hoe lang wij nog het laatste oordeel laten aan rechters over onderwerpen waar zij geen verstand van hebben, en dus vaak op weinig meer vertrouwen dan de deskundigheid van een getuige-deskundige. Ik vind die gang van zaken veel te mager in een zelfverklaarde rechtsstaat.

CU notitie onder de loep

Zonet zag ik een kort nu.nl artikel over een notitie voor de aanpak van criminaliteit en vergroting van de veiligheid van de ChristenUnie. Er zitten interessante onderwerpen in die ik als liberaal econoom even wil doornemen.

nu.nl: ChristenUnie wil rijken meer boete laten betalen

“DEN HAAG – Rijke mensen moeten hogere boetes gaan betalen dan wetsovertreders die minder te besteden hebben. Zo wordt iedereen die zich niet aan de regels houdt naar verhouding even zwaar beboet. Dat staat in een notitie voor de aanpak van criminaliteit en vergroting van de veiligheid, die de ChristenUnie woensdag heeft gepresenteerd. De ernst van een delict bepaalt hoeveel ‘boete-eenheden’ een wetsovertreder kwijt is. Zijn inkomen bepaalt de hoogte van zo’n boete-eenheid, aldus het plan.”

Verschillende andere landen doen dit al, en ik heb het altijd een interessant gegeven gevonden. Het idee achter een boete is toch vaak dat daarmee onder andere het gedrag beïnvloed wordt. Wanneer een boete maar marginaal is ten opzichte van het inkomen, hoef je weinig effect te verwachten. Nu zou je zo kunnen redeneren dat het bijvoorbeeld bij snelheidsboetes tot op zekere hoogte wenselijk is dat iemand een afweging kan maken tussen de boete en de waarde van de verloren tijd. Omdat het in het verkeer ook om verkeersdoden gaat vraag ik me af hoe lang je een dergelijke lijn vol kunt houden. De vraag is in dit opzicht in hoeverre ‘alles’ te koop zou mogen zijn, en zodra je daar in zekere mate “niet” op antwoordt, wordt een inkomensafhankelijke boete interessant. Zo op het oog een zinnig plan van de CU.

Popconcert

Bezoekers van een voetbalwedstrijd of een groot popconcert kunnen duurdere kaartjes tegemoet zien als er politie nodig is om de openbare orde rond het evenement te handhaven. De ChristenUnie wil de kosten doorberekenen via een ticketheffing. Uitgangspunt is echter dat organisatoren van evenementen zelf zorg dragen voor de veiligheid.”

Dit vind ik een hoogst dubieus plan. Ten eerste zit er (lage) BTW op die kaartjes, dat moet toch ergens goed voor zijn. Daarnaast betalen we met zijn allen belasting, dat moet toch ook ergens goed voor zijn. Belangrijker nog is de vraag: hoeveel duurder worden die kaartjes dan? Wat als dat mensen weerhoudt om dat soort evenementen zo vaak als gewenst te bezoeken, en dan maar rottigheid gaan uithalen? Er moet niet te luchtig gedacht worden over ‘de gebruiker betaalt’-concepten omdat er vaak allerlei externe kosten bij komen kijken. Sterker nog, waarom zou een brave borst voor politie inzet moeten opdraaien? Die kan het toch ook niet helpen dat anderen minder braaf zijn?

Ik zie ook wel enig verband met wat ik al eens eerder schreef over het verhalen van reddingskosten op schaatsers: Schaatsers zelf laten opdraaien voor redding? In essentie moeten we heel voorzichtig omgaan met deze vorm van kostenverhaal.

“De ChristenUnie noemt het gedoogbeleid mislukt. Coffeeshops werken criminaliteit en overlast in de hand en moeten daarom dicht. De partij wil ook af van het onderscheid tussen soft- en harddrugs. Het gratis uitdelen van heroïne op medisch advies kan eveneens niet door de beugel.

Gedwongen prostitutie

De afschaffing van het bordeelverbod heeft geleid tot illegale en gedwongen prostitutie. Het liefst zou de ChristenUnie dit verbod opnieuw invoeren. Mensenhandelaars moeten zwaardere straffen krijgen. Als ze meer dan eenmaal de fout in gaan, moeten ze levenslang achter de tralies terecht kunnen komen.”

Het is zo makkelijk, maar ik doe het toch: de Drooglegging werkte ook niet. Zwaarder straffen zoals voorgesteld, zou kunnen werken. Ik geloof er niet echt in, maar het zou kunnen. Verbieden onder de geveinsde veronderstelling dat je daarmee het probleem oplost heb ik moeite mee. Zoals ik het lees wil de CU deze zaken verbieden omdat het ‘zondige’ activiteiten betreft. Kom daar dan voor uit, dat dingen verbieden op zich geen klap helpt zou toch gevoeglijk bekend mogen zijn zo langzamerhand. Het enige wat verbieden doet is het creëren van meer criminaliteit, statistisch in ieder geval…

Een stukje DDR aan de Noordzee

nrc.nl: Nederland scoort hoog in tapranglijst

De Oost-Duitse Stasi is er haast niets bij, en dan te bedenken dat het getap door onze AIVD nog niet eens is opgenomen in de statistiek. Nu weet ik als econoom dat Hirsch Ballin een punt heeft dat je door verschillen in definitie en dergelijke moeilijk kunt vergelijken. Wie weet wat de CIA uitspookt bijvoorbeeld. Maar(!), je kunt ook op andere manieren naar een en ander kijken.

Afgelopen jaar zijn er dus 26.425 telefoonnummers afgeluisterd. Dat is bijna twee keer zo veel telefoonnummers als dat ons land gedetineerden telt. Nu zegt dat nog niet alles natuurlijk, maar ik vind het opvallend. Als econoom vraag ik me bijvoorbeeld ook af of er niet afnemende meeropbrengsten zijn. Gaat het grijpen naar de tap misschien ook nog eens ten koste van nuttiger opsporingswerk? En raak je het spoor niet makkelijker bijster als je zoveel tapt? Het OM en/of de Politie wil nog wel eens iets kwijt raken… Boeven vangen prima, maar het komt op mij over als privacy schending; niet omdat het moet, maar omdat het kan. En dat is niet iets om trots op te zijn.