Zet streep door zelfverrijking ouder-kindlening

In Nederland is het mogelijk dat ouders aan hun kinderen geld lenen voor de aankoop van een huis waarbij de rente over deze lening, zoals gebruikelijk, aftrekbaar is voor de belasting. De notaris waar ik de overdracht van mijn huis moest regelen adviseert in zijn nieuwsbrief dat het in ouder-kind situaties zeer aantrekkelijk kan zijn ‘om een zo hoog mogelijke rente op een eigen woning schuld te betalen.’

Onder de kop “Hoe hoger de rente van een ouder/kind-lening, hoe beter” wordt uiteen gezet hoe via de fiscaal vrije schenking het ‘te veel’ aan rente gewoon weer terug geschonken kan worden:

Vader en zoon sloten een geldlening-overeenkomst voor de aankoop van de woning van zoon. Zoon betaalt een rente van 8% en is verplicht op eerste verzoek van vader een hypotheekrecht te vestigen. De betaalde rente is vervolgens door vader weer deels terug geschonken. De inspecteur is van mening dat deze hypotheekrente niet aftrekbaar is bij de zoon aangezien de gevolgen van deze lening in strijd zijn met de strekking van de wet.

De rechter is het niet eens met de inspecteur en staat deze zelfverrijking toe omdat het mogelijk maken van deze constructie een ‘bewuste keuze van de wetgever’ zou zijn. Hoezo ‘zelfverrijking’? Des te hoger de betaalde rente, des te hoger de aftrek, zonder verdere nadelige gevolgen.

Ik heb daar moeite mee. In mijn ogen wordt hier misbruik gemaakt van enkele fiscale mogelijkheden wat ik niet anders kan opvatten als zelfverrijking. Akkoord, onder de huidige regels mag het, dus vooral doen zou ik zeggen. Maar, gezien de uitspraak van de rechter meen ik dat hier een taak ligt voor de wetgever. Dit druist in tegen elk ethisch besef van rechtvaardigheid en gelijkheid. Een streep er door dus: marktconforme rente vragen en geen cent meer, op straffe van het verlies van de aftrek.

Ook voor geldzaken: eigen verantwoordelijkheid

Kennelijk hebben mensen door de economische crisis het idee gekregen dat zij niet meer verantwoordelijk zijn voor de eigen financiële huishouding. Foutief, wat mij betreft. Twee verbijsterende nieuwsberichten vandaag illustreren dit uitstekend:

Naast het woekerpolisverhaal waarin er onredelijk hoge kosten berekend werden door verzekeraars, krijgen verzekeraars nu claims omdat zij het meetkundig gemiddelde gehanteerd hebben in hun uitingen. Stelling van de Vereniging Woekerpolis.nl is dat mensen niet bekend zijn met het meetkundig gemiddelde en alleen het ‘gewone’ gemiddelde kennen. Het zal aan mijn studie en werk liggen, maar ik gebruik altijd het meetkundig gemiddelde bij dit soort berekeningen. Ik verwacht van financiële dienstverleners niets anders. Sterker nog, de meeste Nederlanders kennen het meetkundig gemiddelde heus wel, want dat is in de volksmond bekend als ‘rente op rente’. Weg met die claims, onzin.

Dan de piloten. Die lenen tegen anderhalve ton, veelal goed voor een starterswoning, en geven de bank de schuld dat ze dit geld hebben kunnen lenen nu ze geen werk kunnen vinden. Kom nou zeg, word volwassen. Het land is ook te klein als mensen een bepaalde studie niet kunnen volgen omdat het niet te betalen is en nu zeggen deze figuren: bank, u had mij dit geld niet mogen lenen. Als jij anderhalve ton leent, dan heb je zelf na te denken. Dat is een dusdanig bedrag, dan verwacht ik dat mensen eigen verantwoordelijkheid nemen. Moet je ruiterlijk bekennen dat je dit niet gedaan hebt? Eigen schuld, dikke bult.

Stop betutteling BKR

Het Bureau Kredietregistratie rolt zijn tentakels uit. Nu willen ze ook al weten of ik een studieschuld heb en hoe hoog die is. Ik ben daar tegen. Ja, ik heb een studieschuld, maar nee, ik kom niet in de problemen want daar staat spaargeld tegenover. Maar van wat ik bezit, wil BKR niets weten. BKR ziet alleen risico’s en geen potentie. BKR beschouwt elke Nederlander kennelijk financieel ongeletterd.

fd.nl: BKR wil grip studieschuld

Stel dat ik door een BKR registratie van mijn studieschuld geen huis meer kan kopen omdat mijn vrij te besteden inkomen volgens een paar betweters (AFM/Nibud) te laag wordt, maar ik desondanks een te hoog bruto inkomen heb om in aanmerking te komen voor sociale huur… Hoezo tussen wal en schip?

We zien nu al met de Gedragscode Hypothecaire Financieringen wat een paar ondoordachte beleidsregels kunnen veroorzaken. Elke Nederlander, jong of oud, dom of slim, wordt in hetzelfde keurslijf geramd en nietsontziend worden dromen van een huis tot scherven geslagen. Dit soort informatie maar ongebreideld verzamelen maakt het zó makkelijk om mensen te betuttelen. Aan de hand van dergelijke informatie verzinnen beleidsmakers vanuit hun ivoren torens wat wel en niet goed zou zijn voor mensen. Door BKR registraties over het missen van een enkele telefoonrekening zijn huizenverkopen gestrand. Geef mensen eigen verantwoordelijkheid, vertrouw mensen gewoon en verzamel niet alles wat los en vast zit om daar vervolgens conclusies aan te verbinden die geen hout snijden.

Slimmere maatstaf voor schuldpositie landen is nodig

Me Judice: ‘Nederland: puissant rijk, maar gierig als een oude vrek’

De Nederlandse overheidsfinanciën staan er veel beter voor dan een directe vergelijking van de staatsschuld met andere Noord-Europese landen laat zien. Het grote verschil zit in de enorme opgebouwde pensioentegoeden.Toch committeert Nederland zich aan de Europese norm dat de staatsschuld niet meer dan 60 procent van het nationaal inkomen mag bedragen.

Dat is wel een aardig perspectief op wat de staatsschuld als percentage van het BBP eigenlijk betekent. Die statistiek is totaal ongeschikt om landen onderling mee te vergelijken. Eigenlijk een statistiek om te negeren dus.

Gedachte-experiment: wat zou er gebeuren als je een bandbreedte stelt voor de rente op staatsleningen rondom een referentierente? Kom je er boven: verplicht bezuinigen. Kom je er onder: verplicht belastingverlaging of uitgaven omhoog. Dan prijst de markt de al dan niet gedekte pensioenen bijvoorbeeld zelf in zou je zeggen. Hoef je ook niet meer te discussiëren over of die 60% voor elk land even passend is. Het lijkt mij daarom geen gek idee om een bandbreedte rond een referentierente in te stellen in plaats van een plafond voor de staatsschuld.

Student: wees verstandig en leen!

nu.nl: Studenten steken zich flink in de schulden

Men blijft zich maar druk maken over studenten die (veel) geld lenen. Waar het nooit over gaat is dat hier hele goede rationele gronden voor te geven zijn. Ik behoor tot de groep studenten die behoorlijk wat geleend heeft, vermoed ik. Onlangs werden alumniverenigingen door het Erasmus Magazine bevraagd hierover. Mijn reactie was de volgende.

“Zelf ben ik betrekkelijk recentelijk afgestudeerd en de afbetaling vangt voor mij pas in 2012 aan. Wel heb ik een vrij helder idee over lenen, temeer ik de laatste jaren van mijn studie als mr.drs.-student grotendeels zelf heb moeten financieren. Toen de studiefinanciering afliep heb ik mij beter verdiept in de voorwaarden en naar aanleiding daarvan ben ik begonnen maximaal te lenen. Ik heb mijn gewone bestedingspatroon gehandhaafd en het overschot tegen gunstige rente (vrij opneembaar tot maximaal 1-jaar deposito’s) weggezet. Het overschot rendeert daardoor op dit moment positief. Zou het om wat voor reden dan ook nodig zijn, kan ik met de korte looptijden dit deel van de lening snel aflossen.

Het overschot is ‘handig om te hebben’ wanneer ik een grote uitgave (auto, witgoed, verhuizing en interieur) zou willen doen. Waar een andere afgestudeerde misschien gedwongen is een persoonlijke lening af te sluiten, ga ik dit overschot gebruiken. Dan betaal ik een beduidend gunstiger rente dan op een PL. Persoonlijk ga ik er nu van uit dit potje nooit nodig te hebben, maar ‘stel dat’ is het gebruik minder pijnlijk dan meteen naar de bank te moeten.

Dan resteert het bedrag dat ik heb moeten lenen om te wonen en te leven de laatste 2½ a 3 van 7 jaren studie. Ik kan het niet meer helemaal terugrekenen, maar zonder serieuze bijverdiensten denk ik ongeveer 22-24 duizend euro besteed te hebben. Ongeveer de helft van dat bedrag heb ik daar bovenop kunnen sparen voor het hiervoor genoemde ‘potje’. De vervolgvraag is dan natuurlijk: hoeveel geld is dat in de praktijk als je gaat werken?

De meeste Rotterdamse studenten volgen studies met een goed perspectief op de arbeidsmarkt (bv. economie, bedrijfskunde, rechten, medicijnen). Startsalarissen zijn al dusdanig hoog (vaak gelijk bovenmodaal) dat wanneer iemand enigszins poogt een paar jaar als student te blijven leven er jaarlijks met gemak zeker 5 duizend euro gespaard kan worden. Dan ben je, als je meteen zou willen aflossen (wat ik ontraad), in 4-5 jaar van je IBG lening af. Lijkt mij een zeer schappelijke en te overziene periode.

Degenen die meteen alles willen – huisje met een tuintje, ruime stationwagon, verre vakanties en zo snel mogelijk in de luiers – maken het zichzelf in mijn ogen moeilijker dan nodig. In dat geval lopen je maandelijkse lasten gelijk hard op en dan kan de aflossing wel pijn doen. Als je tijdens het studeren meer hebt geleend dan nodig, zoals ik, kun je natuurlijk ook dat geld (dat je anders niet gehad zou hebben) aanwenden om mee af te lossen. Dan heb je goed beschouwd heel lang geen toegenomen maandlasten en begint het aflossen vanuit je eigen salaris pas jaren later.”

Of in andere woorden: verstandig lenen is niks mis mee en sterker nog is lenen (bij de DUO) juist verstandig.

Staatsschulden: Noord-Europa als dealer van Zuid-Europa

Volgens Arnoud Boot, en vele anderen, zouden we de ‘solidariteit’ met onze collega’s in Zuid-Europa moeten doorbreken. Doordat Europese landen impliciet garant staan voor elkaar lokt dit bij sommige landen niet te repareren kwistig gedrag uit. De Zuid-Europese economieën zouden in zekere zin structureel/cultureel anders functioneren waardoor daar de loonkosten per eenheid product veel harder oplopen. Voor de Euro was daar het middel van devaluatie van de eigen munt een oplossing voor. Dat kan nu niet meer, waardoor via consumptie de schuldposities van deze landen zijn opgelopen, totdat ze semi-‘ondragelijk’ werden.

Er is nu een enorme hoeveelheid garantievermogen bij elkaar gebracht in de EFSF wat de grootste problemen voorlopig moet verhelpen. Sommigen menen dat het IMF er maar weer eens de zweep over moet gooien in Zuid-Europa, daar zijn ze goed in immers. Anderen willen een splitsing in (minstens) twee valutagebieden: een euro voor Zuid-Europa en een voor Noord-Europa. Allemaal met de impliciete ondertoon dat onze vrienden in Zuid-Europa er een zooitje van hebben gemaakt, dat zij de boel verpest hebben door onverstandig met hun geld om te springen, en dat ze ‘ons’ in Noord-Europa meeslepen in de misère. Ik vraag mij af hoe eerlijk het is om met de beschuldigende vinger naar het zuiden te wijzen.

Sterke economieën als de Duitse, en in het kielzog bijvoorbeeld de Nederlandse, hebben al tijden overschotten op de ‘lopende rekening‘. Dat betekent dat die landen, kort door de bocht, meer verkopen aan het buitenland dan zij van het buitenland kopen. Dat is precies waardoor een land als Griekenland in de problemen is gekomen. Simplistisch voorgesteld hebben Duitsers geld aan Grieken uitgeleend, waarmee deze Grieken vervolgens weer Duitse producten hebben gekocht. Het verdiende geld hebben deze Duitsers vervolgens weer uitgeleend aan de Grieken. Toen Duitsland nog de Mark had en Griekenland de Drachme zou de Drachme, vanzelf, minder waard geworden zijn door deze keten van transacties. Duitse producten zouden snel duurder geworden zijn voor de Grieken, waardoor de vraag naar Duitse makelij zou zijn teruggelopen. Hierdoor zou het tekort op de lopende rekening van Griekenland terug zijn gelopen.

Door de invoering van de Euro is dit duurder worden van Duitse producten, via deze route, niet gebeurd. Immers, Grieken hebben nu dezelfde munt als de Duitsers, waardoor transacties in verschillende munten de prijzen van buitenlandse producten niet meer beïnvloeden. Wat wel gebeurd is, zoals hiervoor omschreven, is dat exporterende landen in het Euro-gebied de consumptie van importerende landen hebben gefinancierd. Eigenlijk had men moeten aanvoelen dat bepaalde mechanismen die van oudsher werkten via verandering van wisselkoersen er niet meer waren. De ECB had bijvoorbeeld Duitsland (en bv. ook Nederland) moeten opdragen de overschotten op de lopende rekening terug te brengen. Dat is niet gebeurd. De meeste Noord-Europese landen hebben Zuid-Europese landen van goedkoop krediet voorzien. Dit uitgeleende geld heeft men verdiend door tegen een bijzonder gunstige wisselkoers (1 Duitse Euro = 1 Griekse Euro) naar Zuid-Europa te exporteren. In andere woorden: Noord-Europa heeft Zuid-Europa in zekere zin verslaafd gemaakt aan goedkoop krediet, en goedkope producten uit het Noorden.

Een dealer van de straat, of bookmakers om mijn part, zijn ook wel bereid om enige tijd geld te lenen aan hun afnemers om de verslaving eerst nog wat sterker aan te zetten. Als het dan echt uit de hand gelopen is, kan het misbruik beginnen. Noord-Europese landen hebben lang geprofiteerd van het exporteren naar, voornamelijk, Zuid-Europa. Ik vind dat in morele zin Noord-Europa medeplichtig is aan de problemen in de PIIGS-landen. Als jij een overschot op je lopende rekening hebt, mede door een gunstige wisselkoers, en je met de overschotten de tekorten van andere landen relatief goedkoop dicht, heb je ook gewoon schuld. De gehele Eurozone handelt relatief weinig met niet-Europese landen. Een overschot op jouw lopende rekening betekent dus meteen dat je een bevriend land elders in Europa in de problemen aan het helpen bent, zeker als dat te lang duurt. De verontwaardiging in landen als Duitsland (en Nederland) over de schulden van landen als Griekenland vind ik dus grotendeels misplaatst. Niet minder misplaatst dan een drugsdealer die klaagt dat zijn klanten in een sociaal isolement zijn gekomen, en daardoor hun schulden niet afbetalen.

Studenten: stelletje dommeriken

‘Schrap slimmerikenbelasting’

In een open brief aan PvdA-leider Job Cohen smeekt de Landelijke Studentenvakbond hem geen ‘slimmerikenbelasting’ in te voeren.

Het is moeilijk om niet te veronderstellen dat de LSVb niet het hele plaatje voor ogen heeft. Ten eerste valt een belangrijk deel van de impact van de crisis neer bij mensen die al een groot gedeelte van hun pensioen hebben opgebouwd. Daarnaast krijgen huidige jongeren het hoe dan ook voor de kiezen, bijvoorbeeld bij een hogere AOW-leeftijd. Omzetting in een sociaal leenstelsel lijkt mij een pijnlozere constructie, dan heel veel andere ingrepen die op de jeugd afkomt. Daar heeft de LSVb te weinig oog voor.

Ten tweede vind ik het niet verkeerd dat er meer prikkels komen om een verstandige studiekeuze te maken, en de studie serieus te nemen. Er zijn er genoeg waar het daar in mijn ogen bij aan schort. Daarnaast zou ik, in overeenstemming met de partijen die dit plan opperen, graag zien dat dit geld in het onderwijs blijft. Links en rechts valt er kwalitatief behoorlijk wat te verbeteren. Daar het beschikbare geld in steken vind ik meer hout snijden dan inkomensondersteuning die in zijn geheel omgezet wordt in een gift.

Ook vind ik het telkenmale bij het banale af dat studenten durven te klagen over hun financiële vooruitzichten. Het gros van de HBO en WO studenten gaat bovenmodaal verdienen. Bovenmodaal is gewoon vorstelijk, punt. Niet zeuren als je dan jouw opleiding moet gaan terugbetalen. Je kunt het missen, echt.

Overigens verbaasd mij dat ook telkens weer. Een bedrag van, zeg 50.000 euro, lenen om te investeren in jezelf krijgt bijna iedereen koudwatervrees bij. En als er een huis gekocht moet worden, sloten tot voor kort veel net-afgestudeerden zonder blikken of blozen tophypotheken af op 125% van de woningwaarde leunend op twee volledige inkomens. Ik snap daar helemaal niks van. Een stapel stenen is je toch niet meer waard dan jouw eigen verdiencapaciteit en persoonlijke ontwikkeling?

Schuldenlast rijke landen onder vuur IMF

nu.nl: IMF waarschuwt rijke landen voor schuldenlast

Al eerder gaf ik aan dat ik vind dat er nogal dramatisch over staatsschulden gedaan wordt. Het CPB kwam afgelopen weken ook al met het 29-miljard-bezuinigen scenario. Ten eerste moeten we waakzaam zijn dat het geslaagde Keynesiaanse overheidsingrijpen niet te vroeg wordt gestaakt. Het risico is dat het prille economische herstel weer omslaat en we juist door premature bezuinigen ons dieper in de problemen brengen. Economische groei alleen verhelpt al in belangrijke mate de schuldenproblematiek.

De balans tussen de schulden die de ontwikkelde landen de afgelopen tijd hebben opgebouwd, ten opzichte van het bruto binnenlands product staat er slechter voor dan vlak na de Tweede Wereldoorlog, citeert de krant The New York Times Lipsky.

En dit neigt naar lachwekkend. Objectief zal het ongetwijfeld zo zijn dat westerse landen ten opzichte van het bruto binnenlands product meer schulden hebben dan na de Tweede Wereldoorlog. Stellen dat dit ‘slechter’ is, is een normatieve bewering, die in het licht van de enorm toegenomen wereldhandel hoogst bedenkelijk is. In aanloop naar de Tweede Wereldoorlog ging de wereld door de Grote Depressie: het wantrouwen in anderen, in het bijzonder buitenlanders, was enorm. Al hadden landen gewild, die periode was geen tijd om geld te lenen, ook niet als overheid.

Het huidige tijdsgewricht staat in het teken van de vrije markt. De Sovjet Unie is er niet meer, en China manifesteert zich in veel opzichten als een markteconomie. Alleen al om die reden is er veel meer geld beschikbaar wat op zich zeer wel bij overheden kan landen. Temeer renteniveaus bijzonder laag zijn, in vergelijking met wat we historisch gewend zijn. Daar komt nog eens bij dat nu westerse en ook opkomende economieën veel meer vertrouwen genieten dan net na de Tweede Wereldoorlog. En terecht, wat het tevens logisch maakt dat het aangaan van schulden makkelijker is. Als er al iets bijzonder is dan is het dat we pas onder invloed van een crisis met deze proporties die schuldenniveaus bereiken.

Daarom gaat een vergelijking van het heden met net na de Tweede Wereldoorlog mank. En normatieve opmerkingen op basis van die kromme vergelijking zijn, wat mij betreft, uit den boze.

Economische crisis, groeipaden en ongezonde voorzichtigheid

De maatschappij roept bankiers naar aanleiding van de economische crisis op om veel voorzichtiger te gaan bankieren. Onderpanden moeten op orde zijn, kasstromen moeten gegarandeerd zijn, en producten waarin rente vertaald wordt in provisie (DSB) moeten ingeperkt worden. Daarnaast wordt het verpakken en doorverkopen van leningenportefeuilles door de situatie rond Lehman Brothers ook bijzonder slecht gewaardeerd. Gelukkig heeft De Nederlandsche Bank daar nog steeds een gezonde visie op: “Verpakken lening door bank moet blijven.”

Waar ik hier heel kort (door de bocht) op in wil gaan is het concept van economische groeipaden en het gevaar van ongezonde voorzichtigheid. In een eerdere bijdrage besprak ik dit al eens, en ik voel de behoefte om hieraan een cijfermatig beeld toe te voegen. Het is namelijk in mijn ogen heel belangrijk dat we niet het kind met het badwater weggooien: economische groei is niet vies!

Stel dat we de situatie zoals we die kenden zouden handhaven. Banken denken relatief lichtzinnig over leningen, en doen verder ook niet moeilijk. Uiteraard worden banken dan vaker geconfronteerd met tegenvallers. Wel zullen dan risicovolle projecten, met mogelijk aanzienlijke (maatschappelijke) baten, makkelijker van de grond komen. De jaar-op-jaar groei, het groeipad, is in deze economie 3%, en daarnaast hebben we eens in de tien jaar een terugval van 5% doordat er weer een of andere bubbel barst. Dat jaar krimpt de economie dus: een recessie.

Zet tegenover deze situatie een nieuwe realiteit waarin banken niet langer bereid zijn om zo makkelijk als gebruikelijk was leningen te verstrekken. Niet alleen komen nieuwe risicovolle ambitieuze projecten niet van de grond, er zullen zelfs bestaande bedrijven omvallen die nu op de rand van grote risico’s opereren. Ik denk dan bijvoorbeeld aan farmaceutische / biotechnologische bedrijven. Door strengere regels neemt de groei af naar 2%.

In onderstaande tabel heb ik indexcijfers genomen voor tien opeenvolgende jaren voor de hierboven geschetste situaties. Een hoger indexcijfer staat voor meer welvaart.

Risicovolle economie

Voorzichtige economie

Jaar-op-jaar

3%

2%

1

100,0

100,0

2

103,0

102,0

3

106,1

104,0

4

109,3

106,1

5

112,6

108,2

6

115,9

110,4

7

119,4

112,6

8

123,0

114,9

9

126,7

117,2

10

120,3

119,5

Het verschil marginaal, en bij deze gekozen cijfers in het voordeel van de risicovolle economie. Anders gekozen cijfers zouden dus de voorzichtige economie er als beste uit kunnen laten springen. De vraag die dan gesteld moet worden is of ik het verschil te optimistisch of te pessimistisch heb geschat. Persoonlijk denk ik dat er eerder meer dan minder economische groei verloren gaat als wij voorzichtiger worden in het verlenen van kredieten.

Wat ik nog niet eens mee heb genomen in deze analyse is dat een recessie ook een zuiverend effect heeft. Inefficiënte bedrijven verdwijnen van het toneel als er een serieuze recessie door de economie raast: het kaf wordt dan weer eens goed van het koren gescheiden. Hierover kan men van mening verschillen, en ik ben van mening dat de economie er baat bij heeft als dit zo af en toe gebeurt. Recessies zijn misschien even vervelend als je er in zit, maar daarna heb je weer een frisse economie alsof deze naar een kuuroord is geweest.

De essentie van het voorgaande is dat een recessie niet per se slecht is. De vraag die wij ons moeten stellen is of de aanleiding tot een recessie (in het huidige geval ‘lakse’ kredietverlening) ons in de jaren in aanloop naar de crisis genoeg heeft opgeleverd om de klap op te vangen.

Staatsschuld: paniek in de tent?

Vanzelfsprekend is de dramatiek weer niet van de lucht als er een recessie opsteekt. Oplopende staatsschuld, mogelijke ruzie met Brussel over het begrotingstekort enzovoort. Nu posteer ik mij rechts van het midden, dus enige terughoudendheid ten aanzien van terugkerende uitgaven (pensioenen, andersoortige uitkeringen bijvoorbeeld) kan ik mij prima in vinden. Echter, ik vind enig perspectief ook wel aanbevelenswaardig. Dus zoals dat dan gaat wil ik even de ‘achterkant van een sigarendoosje’ geven.

Land (2008) Schuld/BBP Omzet/BBP Schuld/Omzet
Nederland (2007) 52% 46% 113%
Nederland 55% 46% 118%
Duitsland 65% 43% 149%
Eurozone 71% 45% 157%
VS 73% 33% 220%
Japan 173% 35% 494%
Bedrijf (2008) Omzet (mld) Schuld (mld) Schuld/Omzet
Microsoft 60,4 36,5 60%
Shell 458,4 153,5 33%
Daimler-Chrysler 95,9 99,5 104%
AT&T 124,0 168,3 136%
Proctor & Gamble 83,5 74,5 89%
Bronnen: OECD en websites genoemde bedrijven.

Wat betekent dit nu allemaal? De omzet van de overheid is voor mij alle belasting- en niet-belastinginkomsten en de schuld is natuurlijk het fameuze getal waar zo veel het nu over hebben. De cijfers van Nederland zet ik af tegen enkele andere economieën en onder een ander kopje ook tegen wat kerncijfers van commerciële bedrijven.

De vierde en laatste kolom heeft mijn nadrukkelijke aandacht. Die verhoudingsgetallen in procenten zijn ‘vergelijkbaar’ met elkaar. Daar valt uit op te maken dat zeker Nederland het misschien nog niet zo gek doet. Uiteraard is onze staatsschuld inmiddels nog verder opgelopen en hebben we het in de praktijk over een verhouding van 60%, maar daarmee zouden we nog steeds onder de omzet/schuld verhouding van AT&T zitten alsook onder de andere genoemde landen.

Wat ik hiermee wil uitdrukken is dat de Nederlandse overheid in zekere zin amper meer in de schulden steekt dan een commercieel bedrijf. Neem daar vervolgens bij in gedachten dat een overheid voor een belangrijk deel collectieve goederen levert waarvoor moeilijk of niet een vergoeding gevraagd kan worden (landsverdediging is daarvan een klassiek voorbeeld). Dat betekent dat de maatschappelijke baten van overheidsoptreden ten opzichte van de maatschappelijke baten van commerciële activiteiten waarschijnlijk relatief hoog liggen. Zou je dat meenemen dan zou je een ‘Maatschappelijke Omzet’ becijferen. Wanneer je dat getal vervolgens zou invoeren denk ik dat Nederland gewoon heel gunstig afsteekt ten opzichte van veel beursgenoteerde bedrijven.

Kritisch kijken naar de staatsschuld is goed. De staatsschuld laten oplopen door uitgaven die geen investeringen zijn, moet altijd kritisch beschouwd worden. Waar ik niet achter sta is een sfeer waarin (staats)schuld per definitie iets slechts is. Dat is het niet, en dat is het nooit geweest ook.

Ter verduidelijking: de staatsschuld liep ook fors op toen we ABN-AMRO/Fortis kochten, maar daar hadden we ook wat voor. Die bank is niet weg, maar is geld waard; deze staat voor de boekhouders onder mijn lezers gewoon braaf links op de balans als bezitting.